
In 2018 reisde Jesters Jeroen Toet en Linda Kaput naar het noorden van Oeganda (Oost-Afrika) om drie districten en een gemeente (lokale overheden) te trainen in de methodologie van scenarioplanning. Oeganda huisvest meer dan een miljoen vluchtelingen uit Sudan en de Democratische Republiek Congo. De belangrijkste vraag is of de stroom vluchtelingen zal aanhouden of dat deze wellicht in de toekomst afneemt en zelfs omkeert.
Het noorden van Oeganda was lang zelf terrein van gewapende conflicten en is daardoor de armste regio in toch al één van de armste landen ter wereld. De vluchtelingen worden gastvrij ontvangen, maar de grote aantallen leiden tot allerlei uitdagingen. Sommige districten hebben evenveel vluchtelingen als eigen inwoners, maar krijgen hun budget slechts toegewezen op basis van het aantal inwoners.
Gedurende een driedaagse training leerden per district ongeveer 20 deelnemers de stappen van het scenarioproces. Aan de hand van hun eigen case werkten ze compacte scenario's uit en dachten ze na over uitdagingen en opties. De deelnemers waren zonder uitzondering enthousiast over de methode en begrepen het concept goed.
In Nederland wordt scenarioplanning vaak ingezet om de relevantie en risico's van het slagen van een bepaalde optie te wegen. In een ontwikkelingscontext werkt dit anders. Het gaat veel meer om de balans tussen grote en kleine interventies en het kiezen voor een aantal opties terwijl voor de andere opties partners moeten worden gezocht. Desalniettemin is scenarioplanning voor migratievraagstukken een waardevol instrument omdat deze bijna altijd een hoge mate van onzekerheid kennen.